Michel Houellebecq & Bernard-Henri Lévy – Publieke vijanden: Een steekspel in brieven
Amsterdam/Breda: Arbeiderspers/De Geus (2009)
Vertaling: Rokus Hofstede & Martin de Haan

“Het zal allemaal nog veel erger worden.”

Dit is niet het eerste non-fictie boek dat Michel Houellebecq publiceert. Het eerder verschenen (en zeer lezenswaardige) De Koude Revolutie (Arbeiderspers 2004) bevat onder andere interviews, brieven aan kranten, essays en voorwoorden.

Na De koude revolutie en Houellebecq: De ongeautoriseerde biografie (Nijgh & Van Ditmar 2006) van Denis Demonpion (aan wie Houellebecq een gruwelijke hekel heeft, zoals blijkt uit de brieven), is er nu, voor een ieder die (hoe kan het ook anders) geïnteresseerd is in de mens achter de schrijvers, de bundeling van een briefwisseling tussen Michel Houellebecq en de Franse filosoof Bernard-Henri Lévy verschenen.

Lévy, meestijds liefkozend afgekort als BHL, is een vooraanstaande Franse filosoof, die zich bezig houdt met mensenrechten. Een ongelofelijk optimisme en medeleven kenmerkt hem. Geen onrecht of hij maakt zich er boos over. Dat in tegenstelling tot de cynische Houellebecq. De toon waarop die zijn romans schrijft valt terug te vinden in de manier waarop hij zijn brieven schrijft. Over de mensheid is hij afstandelijk, en over de toekomst van de mensheid is hij cynisch, evenals over de huidige staat van onze maatschappij.

Beide hebben aanvaringen gehad met de media, die hen, volgens henzelf, vaak in een kwaad daglicht stellen. Houellebecq’s reactie daarop is kenmerkend voor zijn manier van denken: “Zij hebben niets meer te verliezen, omdat ze weten dat ik nooit meer met ze zal praten. Maar ik heb nog heel veel te verliezen, en dat weten ze. Het kan nog veel erger worden; het zal allemaal nog veel erger worden.

De brieven handelen over van alles en nog wat. Over films, literatuur, poëzie, jeugdherinneringen, en hun eigen geestelijke ontwikkeling. Daardoor heeft de briefwisseling soms iets weg van dat spelletje waar iedereen op een steeds opnieuw omgevouwen blaadje een zin schrijft, die gebaseerd is op vorige, een-na-laatste zin, zonder de rest van de voorgaande zinnen te kennen. Maar dat is ook juist weer leuk aan het boek; om te zien hoe de twee op elkaar reageren, op welke dingen van elkaar ze reageren, en welke ze links laten liggen. De briefwisseling is dan ook net als een gesprek: een gedachtewisselingen op afstand, en geen monoloog op papier.

Een andere grote verdienste van de briefwisseling is dat hij je dwingt om er andere literatuur bij te pakken, van Spinoza, Schopenhauer en Nietzsche tot Baudelaire en Camus. Schrijvers waar je misschien ooit al wel of al niet van had gehoord, maar waar je nu of überhaupt zin in krijgt, of nog meer zin in krijgt.

Publieke Vijanden biedt echter niet genoeg. Liefhebbers van Houellebecq zullen aan het lezen van dit boek, net als aan het lezen van zijn andere boeken, een onbedwingbaar verlangen naar méér overhouden.

(In gewijzigde vorm eerder verschenen in: Ons Utrecht, 41e jaargang, #47, woensdag 18 november)

 

Reacties